volg ons :    

Pensioencommunicatie en de rol van de werkgever

Per 1 juli 2015 is de Wet Pensioencommunicatie in werking getreden. Deze wet wordt nu gefaseerd ingevoerd. Vanaf 1 januari 2017 is de wet volledig ingevoerd. Hieronder wordt onder andere ingegaan op de aanleiding van de nieuwe wet, de rol die de werkgever hierin heeft gekregen en aanpassingen van de communicatie vanuit de pensioenuitvoerders.

Met invoering van de Pensioenwet in 2007 zijn er een aantal informatieverplichtingen voor pensioenuitvoerders opgenomen, zoals het Uniforme Pensioenoverzicht (UPO) en de startbrief. Het zorgde er in ieder geval voor dat er door de pensioenuitvoerder meer werd gecommuniceerd met de deelnemers. Uit onderzoek van onder andere TNS-NIPO (2012) is gebleken dat deze communicatiestromen niet het gewenste effect hadden. Uit dit onderzoek is zelfs gebleken dat 71% van de actieve deelnemers niet open staat voor pensioeninformatie en 49% de informatie te ingewikkeld vindt. Het begrijpelijker maken van pensioencommunicatie kan er mogelijk voor zorgen dat meer deelnemers open staan voor pensioeninformatie.

Het rapport ‘Pensioen in duidelijke taal’ van het Ministerie Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de basis gevormd voor de Wet Pensioencommunicatie. Dit rapport verwijst ook naar het eerder genoemde onderzoek van TNS-NIPO (2012). In het rapport wordt aangegeven dat de huidige informatieverstrekking door pensioenuitvoerders te algemeen is. De startbrief zou te lang zijn en te weinig aansprekend. En er ontbreekt een totaaloverzicht waarin de deelnemer snel de belangrijkste onderdelen kan zien. In de memorie van toelichting bij het wetsvoorstel bij de Wet Pensioencommunicatie wordt het doel van pensioencommunicatie als volgt omschreven: “Het doel van pensioencommunicatie is dat de deelnemer weet hoeveel pensioen hij kan verwachten, kan nagaan of dit voldoende voor hem is, zich bewust is van de risico’s en de kosten van zijn pensioenvoorziening en welke actie hij eventueel zelf kan ondernemen. Goede pensioencommunicatie is evenwichtig en realistisch en beoogt bewustwording bij mensen te vergroten (pensioenbewustzijn) en indien nodig gedragsverandering te stimuleren. Deelnemers moeten dan zelf weten wat ze kunnen doen, hun handelingsperspectief moet worden vergroot.”

De aanpassing in pensioencommunicatie bij pensioenuitvoerders betekent onder andere dat het Uniforme Pensioenoverzicht ingekort wordt. En de startbrief wordt vervangen door Pensioen 1-2-3. Dit laatste is een communicatie-instrument, ontwikkelt door de Pensioenfederatie en het Verbond van verzekeraars. In plaats van de lange startbrief ontvangt een werknemer in laag 1 de informatie in hoofdlijnen, in laag 2 volgt een verdere verdieping en laag 3 bevat de details. Dit instrument is ontwikkeld met het oog op digitale communicatie. In de Pensioenwet is opgenomen dat bepaalde informatie schriftelijk moet worden verstrekt. In de Wet Pensioencommunicatie is nu ook ruimte gemaakt voor digitale communicatie. Alle regelingen hebben eenzelfde soort Pensioen 1-2-3, zodat regelingen met elkaar vergeleken kunnen worden. Het gaat hierbij om feitelijke verschillen tussen de regelingen, zonder hieraan een kwaliteitsoordeel te verbinden. De deelnemer dient dus zelf een kwaliteitsoordeel eraan te verbinden. Daarnaast worden pensioenuitvoerders verplicht om bepaalde informatie permanent beschikbaar te stellen via de website.

Naast de acties van de pensioenuitvoerder wordt ook een belangrijkere rol weg gelegd voor het Pensioenregister. Onlangs is de site al uitgebreid met netto bedragen. Vanaf 2017 is het de bedoeling om ook inzicht te geven in het te bereiken pensioen in een optimistisch, een pessimistisch en een verwacht pensioenbedrag in het Pensioenregister. Ook worden de rechten van de gepensioneerden volgend jaar toegevoegd. In het overzicht is dan voor werknemers te zien hoe veel pensioen ze hebben opgebouwd of gaan opbouwen bij verschillende pensioenuitvoerders. De werknemer krijgt dan een totaaloverzicht van alle pensioenen en de AOW.

In de Wet Pensioencommunicatie is ook een rol voor de werkgever opgenomen. Uit het onderzoek van TNS-NIPO (2012) is gebleken dat werknemers hun werkgever als eerste aanspreekpunt zien voor pensioenzaken en dat een prominente rol van de werkgever een positieve bijdrage kan hebben op het pensioenbewustzijn van de werknemer. Daarnaast is de werkgever al verantwoordelijk voor informatieverstrekking over arbeidsvoorwaarden en dus ook pensioen. Van de werkgever wordt verwacht dat hij tijdig de relevante gegevens aanlevert aan de pensioenuitvoerder. De rol voor de werkgever betekent concreet dat de werkgever ervoor moet zorgen dat nieuwe werknemers binnen 3 maanden worden geïnformeerd over de kenmerken van de pensioenregeling, de uitvoering van de regeling en over persoonlijke omstandigheden die een actie van de werknemer kunnen vergen. Met persoonlijke omstandigheden wordt bijvoorbeeld bedoeld; baanwisseling, scheiding, samenwonen en arbeidsongeschiktheid. Met kenmerken wordt ook bedoeld mogelijke keuzes die een werknemer kan maken binnen een pensioenregeling. De werknemer dient ook gewezen te worden op de website van de pensioenuitvoerder en de mogelijkheid om het pensioenregister te raadplegen.

Om werkgevers te ondersteunen bij de grotere verantwoordelijkheid die ze krijgen met de Wet Pensioencommunicatie heeft de Pensioenfederatie een checklist voor werkgevers opgesteld. Deze checklist is bedoeld om tijdens het arbeidsvoorwaardengesprek met een mogelijk nieuwe werknemer de pensioenregeling in hoofdlijnen te bespreken.
De rol van de adviseur komt niet expliciet terug in de Wet Pensioencommunicatie. Een goede adviseur zal echter de werkgever wijzen op zijn (nieuwe) verantwoordelijkheden en hem daarin ondersteunen als daar behoefte aan is.

Bron:
http://www.pensioenweblog.nl/pensioencommunicatie-en-de-rol-van-de-werkgever/


Checklist werkgever
De Pensioenfederatie en het Verbond van Verzekeraars hebben de werkgeverschecklist ‘Wegwijs in het pensioen’ ontwikkeld. De checklist kan met medewerking van de pensioenuitvoerder op maat worden gemaakt.

De checklist heeft een nauwe samenhang met laag 1 van het wettelijk verplichte Pensioen 1-2-3, dat sinds 1 juli 2016 de startbrief vervangt. Werkgevers kunnen laag 1 van ‘hun’ Pensioen 1-2-3 printen en bespreken tijdens het arbeidsvoorwaardengesprek.

Pensioen is vaak een belangrijke én kostbare arbeidsvoorwaarde. Laag 1 van Pensioen 1-2-3 en de bijbehorende checklist zijn zo laagdrempelig mogelijk opgesteld om basale pensioenvoorlichting door werkgevers mogelijk te maken. Deze laagdrempeligheid draagt bij aan het vergroten van het pensioenbewustzijn van werknemers.

• Checklist werkgever: Wegwijs in het pensioen (generiek voorbeeld)

Bron:
http://pensioen123.nl/materiaal/checklist-werkgever/

© DenL Business Support bv - T: 035-6834663 - contact@denl-business-support.nl - BTW-nr: NL821865420.B.01 - Hilversum - websdesign: Scriptus-Design